Skip to content
Momo en de tijdspaarders

Tijd als spaarrekening

Stel je je leven eens voor als het totaal aantal minuten die je tot je beschikking hebt. Zie het als een spaarrekening. En denk dan aan alle tijd die je tijdens je leven laat wegglippen. Door luieren, kletsen, dagdromen of spelen. Wat als je die minuten zou kunnen opsparen? Door wat meer haast te maken, zaken efficiënter op te pakken, het niet nuttige achterwege te laten. Om die bijeengeschraapte minuten daarna aan het einde van je leven toe te kunnen voegen als rente. Als extra geniettijd. Klinkt heerlijk toch? Dat is in een notendop de aanlokkelijke marketingboodschap die de grijze heren hebben in het boek Momo en de tijdspaarders van Michael Ende. 

Oud boek, nieuw jasje
Wat is tijd? Een vraag die filosofen sinds mensenheugenis bezighoudt, maar ook een intrigerend jeugdboek kan opleveren. Een boek dat, grappig genoeg, zelfs een tijdlóze klassieker werd. Ende schreef Momo in 1973. In het Duits, waarna het in de vertaling door Robert Jan van Asch in 1975 voor Nederlandse lezers beschikbaar werd. Negentienvijfenzeventig… de tijd dat kinderen eenmaal per jaar een boek voor hun verjaardag kregen. Koesterboeken. Met verhalen die indruk maakten en daardoor tientallen jaren later nog heel zacht nazoemden in ieders bewustzijn. Zoals Kruistocht in spijkerbroek of Meester van de zwarte molen. Of Momo.

Andere tijden dus. Wat beweegt Lemniscaat ertoe een bijna vijftig jaar oud verhaal opnieuw uit te brengen? Nou, het nog steeds actuele, of misschien wel steeds actueler wordende, thema: de jachtige maatschappij en het gevoel altijd tijd tekort te komen. 

De magie van aandacht
We beginnen in een niet nader genoemd jaar, in een land dat iets wegheeft van het gemoedelijke Italië. Momo is een meisje dat in de ruïne van een amfitheater woont. Niemand weet waar ze vandaan komt, maar het hele dorp neemt haar, zonder al te veel woorden eraan vuil te maken, onder zijn vleugels. De een brengt wat eten, de ander timmert een bed en een kastje voor haar. Met straatveger Beppo en het jonge verhalenvertellertje Girolamo, kortweg Gigi, krijgt ze een speciale band.

Mensen zijn graag bij Momo. Ze heeft namelijk een gave: ze kan luisteren als geen ander. Gewoon naast iemand zittend, met haar grote, rustige ogen, gaat diegene als vanzelf vertellen. Het is de magie van eenvoudigweg aandacht hebben. Kinderen vinden het heerlijk bij Momo. Als ze in de ruïne spelen, kent hun fantasie ineens geen grenzen.

De strijd tegen grijze sigaartjes
Maar dingen veranderen. De mensen in de stad worden gejaagd, hebben geen tijd meer om te komen. En op het laatst blijven zelfs de kinderen weg. Dat blijkt het werk van een leger aan identieke, muisgrijze manspersonen. Alles aan hen is kil en grijs: hun pakken, aktekoffertjes, bolhoedjes en de sigaartjes die ze non-stop roken. Ze zetten mensen aan tot het sparen van tijd. Kinderen worden in de opvang geplaatst zodat ze niet meer ‘nutteloos’ rondzwerven. Het eetcafé wordt een fastfoodcounter. Alles in het teken van snel is beter.

Natuurlijk zijn die fletse heren van de Tijdspaarkas gehaaide zakenmannen. Die gespaarde tijd krijgen mensen nooit terug, die gaat in rook op via de sigaartjes. En dan probeert de grijze club zelfs Momo, met haar zeeën van tijd, te paaien voor hun plannetjes. Ze krijgt een levensgrote barbiepop met een onuitputtelijk arsenaal aan kleding en attributen:

‘“Je ziet,” ging de grijze heer verder, “het is heel eenvoudig. Je moet alleen maar steeds meer hebben, dan verveel je je nooit. Maar misschien denk je, dat de volmaakte Bibigirl op een dag alles zal hebben en dat het dan toch wel weer vervelend kan worden. Nee mijn kleintje, geen zorgen! Hier hebben we namelijk voor Bibigirl een bijpassende vriend.”’ 

Maar Momo blijkt ongevoelig voor deze verleidingen. Haar grootste wens is de mensen in de stad bevrijden van de vreugdeloze gehaastheid en de grijze heren. Met hulp van de bijzondere schildpad Kassiopeia en Meester Secundus Minutius Hora lukt dat ternauwernood.

Spannend?
Is Momo daarmee een spannend avonturenboek? Hm, nee. Tenminste niet als je het langs de verhalenmeetlat legt van het nu, waarin films, boeken en stories op de socials een hoog up-tempo hebben, gevuld zijn met ladingen prikkels en vele zijlijnen. Maar het boek blijft zeker overeind in de 21e eeuw. De lichte magie erin leunt wat meer naar De wereld van Sofie van Jostein Gaarder dan het Harry Potter-geweld van J.K. Rowling. De grote zorgvuldigheid waarmee Ende schrijft, zorgt voor een bepaalde rust. Daartegenover staan de levendige en natuurlijke dialogen die lezen als een trein en het meteen een voorleesfeestje maken.

In deze nieuwe uitgave heeft Lemniscaat gekozen voor een uitstraling die past bij een breder publiek dan de eerdere versie. Met een nachtblauw omslag en de originele tekeningen van Ende zelf, die gestyleerd en grafisch ogen, lijkt ook een fantasy-publiek binnen bereik. Dat van het verhaal van Momo inmiddels films, theaterstukken en zelfs een opera zijn, bevestigt de tijdloze kracht van het verhaal. Het is een fijne ode aan het dolce far niente, het zalige nietsdoen. En natuurlijk aan de fantasie, die zomaar grenzeloos kan zijn, als de grijze sluier van de efficiëntie haar tenminste niet in zijn greep krijgt. En dat – had Ende al goed gezien – is van alle tijden.

Esther Bos

Esther Bos studeerde ooit Italiaanse Taal- en Letterkunde in Utrecht met als specialisatie kinder- en jeugdliteratuur. Wonend in Italië las ze haar kinderen voor in beide talen, schreef ze jarenlang leesrapporten over de pareltjes van Nederlandse makelij voor Italiaanse kinderboekenuitgeverijen als Feltrinelli en Mondadori en was vaste bezoeker van de kinderboekenbeurs in Bologna. Nu terug op Hollandse bodem werkt ze als communicatieadviseur, is tekst haar werk en zijn boeken nog altijd een liefde. Het liefst boeken van papier.

Momo en de tijdspaarders
Verschenen bij: Lemniscaat
ISBN: 9789047715849
284 pagina’s
Prijs: €16.99
Vertaling door: Robert Jan van Asch
Verschenen: 2023