Skip to content
De dinosaurusverkiezing

Prehistorisch prijzenfestival

Wie in een catalogus van een gemiddelde bibliotheek zoekt naar kinderboeken over dinosaurussen krijgt een lange lijst voorgeschoteld. Er zijn verhalende boeken als Platvoet en zijn vriendjes dat wel een van de bekendste is en het verfilmde Jurassic Park. En er is een kast te vullen met serieuze boeken over de prehistorische fauna, waaronder naslagwerken als de Dinosaurus-encyclopedie van Ben Morgan c.s. uit 2011 en Over de dinosaurus en andere prehistorische dieren van Palmer Douglas uit 2015. Omvangrijke boeken van 300 en 250 pagina’s. Val dan nog maar eens op met een nieuw boek. Chris Barker probeerde dat in 2020 met 159 bladzijden en koos voor de overtreffende trap: De ultieme dinosaurus encyclopedie. Kort geleden is er weer een encyclopedische uitgave voor kinderen verschenen, nu van de Amerikaanse docente Barbara Taylor. Zij beperkt zich tot 77 pagina’s en behandelt daarin zo’n vijftig dinosaurussoorten. Haar aanpak verschilt van de eerder genoemde boeken door dat zij de beschreven beesten ten tonele voert in een verkiezing in liefst 34 categorieën.

Taylor doet er alles aan om haar verhaal spannend te maken. Ze opent met ‘Komt dat zien, komt dat zien! De ceremonie gaat zo van start – en jij bent uitgenodigd. We zijn hier om een aantal gewoonweg verbluffende dinosauriërs te huldigen en hun prachtigste kenmerken en unieke kwaliteiten in het zonnetje te zetten’.

Kip of duif
De verkiezingen gaan over de meest uiteenlopende kenmerken. Die doen vaak wel erg gezocht aan. De ‘Veiligheid Eerst Prijs’, de ‘Donzig en Woest Prijs’, de ‘Vermorzelt Het Helemaal Prijs’ en de ‘Wat Heb Je Grote Ogen Prijs’. Ze lijken bovendien willekeurig. ‘De Kleine Dino Prijs’ gaat naar de piepkleine Compsognathus, ‘niet groter dan een huidige kip’. Een paar pagina’s verder gaat de ‘Eerste Vlucht Prijs’ naar de Archaeopteryx ‘die ongeveer even groot was als een duif’, een stuk kleiner dus dan de winnaar van de ‘Kleine Dino Prijs’.
Hoe de verhoudingen tussen die twee liggen kan overigens wel worden becijferd aan de hand van meetgegevens op de pagina’s. Dat zit zo: elk prijswinnend dier krijgt twee pagina’s toebedeeld, op vijf categorieën na waarin vier dieren de prijs moeten delen. Bij elk dier staan heel kort de naam, de uitspraak daarvan, de vertaling, de periode waarin het dier leefde, waar overblijfselen ervan zijn gevonden, wat het at en de maten.
Verder valt bij elk dier een korte tekst te lezen die meestal gaat over de leefwijze en beschrijft wat de wetenschap er over heeft ontdekt. De gelauwerde dieren krijgen allemaal een ingelijst portret en een grote tekening die een indruk geeft van hun biotoop. Veel dino’s krijgen onder aan de pagina nog een grappig bedoeld stripverhaaltje.

Ballon
De naamgeving van de prijzen is soms discutabel. De vier dieren die onderscheiden worden met de ‘Prachtige Muziek Prijs’ blijken niet bijster veel noten op hun zang te hebben gehad. Ze konden enkel toeteren, brullen en brommen. Maar dat zal voor heel wat meer dino’s gegolden hebben. Sowieso is de vraag interessant hoe kan worden vastgesteld wat voor geluid prehistorische wezens maakten. Dat blijkt te worden afgeleid uit organen of de bouw van lichaamsdelen. Met de nodige slagen om de arm dan wel. De muzikale kwaliteiten van de Edmontosaurus, die de ‘Zingende Zeerob Prijs’ om de nek krijgt gehangen worden bijvoorbeeld vastgesteld op grond van nogal vage indicaties. Edmontosaurus had ‘grote, holle neusgaten die bedekt kan (sic!) zijn geweest met losse huid. Mogelijk kan deze huid met lucht worden opgeblazen als een ballon.’

Het is begrijpelijk dat Taylor heeft gezocht naar een originele manier om aandacht te trekken in een bibliotheek waarin al zoveel dinosaurusliteratuur staat. Daar komt bij dat haar populariserende taal af en toe grappig is (de Pegomastax bijvoorbeeld wordt ‘een punkertje’ genoemd en – omdat hij bij predatoren niet zo in trek was – een ‘prikkende, krassende snack met hoektanden’) en dat de illustraties door Stephen Collins vrolijk van karakter zijn. Maar helaas komt dit boek ten opzichte van de boven genoemde uitgaven niet verder dan deze nieuwe invalshoek. Veel van de wetenswaardigheden over dinosaurussen zijn in andere kinderboeken al uitvoeriger en beter beschreven. Voor kinderen die zich er toch op willen storten is enige leesvaardigheid wel een vereiste. Bovenal blijft het een naslagwerk; als leesboek laat het je al snel duizelen. Daar staat dan weer tegenover dat het een aardig prentenboek is.

Adri Altink

Adri Altink heeft belangstelling voor kunst, (cultuur)geschiedenis, taal (Opperlands) en literatuur. Hij leest zowel non-fictie als romans. Boeken die een blijvende indruk op hem maakten zijn Bloedlanden van Timothy Snyder, Congo van David van Reybrouck, In de ban van de tegenstander van Hans Keilson en Doodgewone mannen van Christopher Browning. Fictie-auteurs die hij graag leest zijn Georges Perec, Annie Ernaux, Hervé Le Tellier, Édouard Louis, Bohumil Hrabal en Anjet Daanje. Op Jong Literair Nederland bespreekt hij non-fictie voor kinderen. Adri Altink schrijft ook voor Literair Nederland.

De dinosaurusverkiezing
Verschenen bij: Uitgeverij Van Holkema & Warendorf
ISBN: 9789000386505
77 pagina’s
Prijs: €16.99
Verschenen: 2022