Skip to content
Brodddelboleten en Trulzwammen – Paddenstoelen in de Bommelverhalen

Ode aan het onsterfelijke

Broddelboleten en Trulzwammen, Paddenstoelen in de Bommelverhalen van Klaas Driebergen en Machiel Noordeloos is niet alleen een boek voor liefhebbers van Heer Bommel of van paddenstoelen, maar ook voor liefhebbers van de onsterfelijke taal van Marten Toonder. Klaas Driebergen is een goede bekende bij de Bommel-lezers. Hij heeft inmiddels elf boeken over het werk van Marten Toonder geschreven en samengesteld. De Bommel literatuurgids, Bommel en Bijbel en nu Broddelboleten en Trulzwammen zijn daar prachtige voorbeelden van. In zijn boeken belicht hij het werk van Marten Toonder van verschillende kanten, dit keer zijn dat dus paddenstoelen. Maar het boek gaat over veel meer dan dat. 

Bommelsaga
In de Bommelverhalen over Olivier B. Bommel en Tom Poes, ook wel de Bommelsaga genoemd, komen vaak paddenstoelen voor. Toonder verrijkte er de landschappen in zijn tekeningen mee. Vooral wanneer de verhalen zich in de herfst afspelen, en dat zijn er verrassend veel. Maar ook in andere jaargetijden groeien er paddenstoelen, zeker wanneer in het verhaal magie in het spel is. In sommige verhalen vervullen paddenstoelen zelfs een hoofdrol, zoals in De Trullenhoedster, Het platmaken, De Wadem en De Weetmuts. Meestal is er dan sprake van tovenarij. Deze verhalen beschrijft Driebergen uitgebreid, zonder de afloop te verklappen. Het is eerder een uitnodiging om de verhalen zelf te (her-) lezen. Daarnaast worden er, aan de hand van de Bommelverhalen, ook thema’s besproken. Zoals paddenstoelen op het menu, paddestoelen in het landschap, het milieu en heksenkringen. Driebergen neemt je mee in de wereld van Heer Bommel en dat doet hij op een uitnodigende manier. Met een vlotte pen schrijft hij, met veel kennis van zaken, over de paddenstoelen, de gebeurtenissen, én de personages in de Bommelverhalen. Daarbij gebruik hij veel citaten, passages en plaatjes uit de verhalen, zodat de taal en de tekeningen van Toonder ook gaan leven.

Mycoloog
Klaas Driebergen schreef dit boek samen met zijn oom Machiel Noordeloos, een internationaal bekende mycoloog (paddenstoelendeskundige). Vanuit zijn deskundigheid beschrijft Noordeloos de paddenstoelen in de Bommelverhalen, waarbij het uiterste van een heer werd gevraagd, want Toonder is een begenadigd schrijver en tekenaar, hij is duidelijk geen mycoloog. Waarschijnlijk heeft hij wel eens een boek met paddenstoelen ingezien en hij zal zich zeker hebben laten inspireren door de paddenstoelen die hij in de natuur tegenkwam. Maar vervolgens fantaseert hij er vrolijk op los, zowel in de tekeningen als in de namen van de paddenstoelen. Waarmee hij de taal weer verrijkt, zoals schimmels in de vorm van ‘draadhippel’ in scènes waarin de natuur ‘naar de verturving gaat’. Toch lukt het Noordeloos iedere keer weer om een bijpassende echte paddenstoel te vinden. Deze beschrijft hij op blauwe – rijk geïllustreerde – pagina’s op een begrijpelijke en toegankelijke manier. Na het lezen van het boek ben je natuurlijk nog geen mycoloog, maar je weet veel meer over de wereld van de paddenstoel en die is interessant! Zo blijkt er iets heel bijzonders te zijn met het verhaal De Weetmuts, over ‘Kwil’, een pratende paddenstoel uit de onderwereld. Marten Toonder lijkt hier een voorspellende gave te hebben: pas recent is ontdekt hoe communicatie plaatsvindt in ondergrondse schimmelnetwerken.

Onsterfelijk
Driebergen en Noordeloos hebben dit boek kunnen schrijven dankzij de rijke literaire erfenis van Marten Toonder (1912-2005). Daar wordt dan ook bij stil gestaan in het begin van het boek. Voor wie nog niet zo goed bekend is met het werk van Toonder wordt de Bommelsaga gepresenteerd. Deze bestaat uit 177 verhalen in 45 jaar tijd, in 11.768 dagelijkse afleveringen. Daarmee is dit de langs lopende Nederlandse strip ooit die in talloze kranten in binnen- en buitenland is verschenen. Het laatste verhaal Het einde van eindeloos verscheen in 1986 in de NRC. Waren het in het begin nog voornamelijk op kinderen gerichte verhalen (met een onderliggende boodschap voor de meelezende ouders), na de oorlog werden het steeds meer maatschappijkritische verhalen voor volwassenen. Zoals De Bovenbazen over de consumptiemaatschappij (een aanrader voor wie Heer Bommel nog niet kent).

Ook is er aandacht voor de schrijfstijl van Toonder: ‘Toonder geldt als een taalvernieuwer. Diverse door hem bedachte woorden en uitdrukkingen zijn in de Nederlandse taal beland. In de ‘dikke van Dale’ zijn bovenbaas, breinbaas, denkraam, dorknoper, grootgrutter, kommer en kwel, minkukel, zielknijper en een eenvoudige doch voedzame maaltijd opgenomen.’ Toonder ontving diverse prijzen, erelidmaatschappen en onderscheidingen voor zijn werk. 

Daarmee is dit boek ook een ode aan de onsterfelijke taal van Marten Toonder. Voor de een een feest van herkenning, voor de ander een introductie tot zijn werk. Een boek dat het meer dan waard (en leuk) is om te lezen en dat hopelijk nieuwsgierig maakt naar het werk van Marten Toonder, zodat ook dat weer wordt gelezen en het onsterfelijke blijft leven.

Brodddelboleten en Trulzwammen – Paddenstoelen in de Bommelverhalen
Verschenen bij: Uitgeverij Klaas Driebergen
ISBN: 9789083344201
160 pagina’s
Prijs: €14.99
Verschenen: 2023