Skip to content
De PandaBand

Niet-Peter

Het zal je maar gebeuren: begin je het lezen net onder de knie te krijgen, heb je zin in een leuk boek, pak je De PandaBand en gaat het in de eerste zin al helemaal mis! Tenminste, dat zegt schrijver Saša Stanišić zelf na die eerste zin van maar liefst zeven regels: ‘Nee, nee, dat is niet goed! Ten eerste: veel te lange zin. Ten tweede: waarom zou een panda, die ook nog eens in China woont, Peter heten? […] Ten derde: een panda woont helemaal niet samen met andere panda’s.’ Zo begint op een buitengewoon ongebruikelijke manier een buitengewoon vrolijk boek over panda’s en muziek. De tekst zit vol humor en als dat nog niet genoeg is, word je wel blij van de illustraties van Günter Jakobs. Dus vergeet die eerste zin en lees vooral door, je krijgt er geen spijt van!

Consequent
Het tweede probleem van de eerste zin – waarom zou een panda Peter heten? – wordt eenvoudig opgelost door deze panda ‘Niet-Peter’ te noemen. Dan is het in ieder geval duidelijk dat hij niet Peter heet. Die lijn wordt doorgetrokken. Er zijn bijvoorbeeld ook een Niet-Gerard en een Niet-Oliva. Dat lijkt misschien flauw, maar juist omdat het zo consequent wordt volgehouden, krijgt het zijn eigen dynamiek. Dat geldt ook voor de karakters van de panda’s. Denk nu niet dat dat saaie beesten zijn die alleen maar bamboe eten en slapen, al zijn dat wel de grootste hobby’s van Niet-Peter. Panda’s doen veel meer, zoals voorzichtige bodemgymnastiek (met grappige oefeningen) en heel-kort klimmen (vooral niet te hoog). Saša Stanišić heeft er voor gezorgd dat de dieren echte panda’s blijven en geen mensen worden. Wel heeft iedere panda in het verhaal een eigen karakter en eigen sterke en zwakke punten. Dat maakt de interactie tussen de panda’s erg leuk. En ze zijn nieuwsgierig: Als Niet-Peter op een stuk bamboe blaast, in plaats van er een hap van te nemen, hoort hij een toon. Daar wil hij meer van weten! Dit is het begin van een muzikaal avontuur met een heuse pandaband. En dat is best uniek voor een panda die niet gewend is samen te wonen of te werken met andere panda’s.

 

Voorliefde
Vanaf zijn vierde jaar wilde Saša Stanišić zelf pandabeer worden. Hij verkleedde zich als panda, las alles over panda’s en verzon verhaaltjes over panda’s. Deze diepgewortelde liefde is nooit verdwenen. Toen hij begreep dat de pandabeer een bedreigde diersoort is, was dat een grote schok voor hem. Deze schok werd jaren later de drijfveer voor het schrijven van dit boek. Hij wilde zijn liefde voor panda’s doorgeven zodat ze de bescherming krijgen die ze nodig hebben. In het verhaal zelf komt dit eigenlijk niet of nauwelijks aan de orde. Slechts op één pagina zien de panda’s in de verte bouwactiviteiten van mensen en besluiten daar niet naar toe te gaan. Stanišićs diepere boodschap lees je in het nawoord. Dat zijn helaas net de pagina’s die kinderen meestal overslaan. Kinderen moeten het vooral hebben van het verhaal en de mooie tekeningen van Günter Jakobs. Want mooi zijn ze: elke bladzijde heeft een illustratie. Soms een kleine, één enkele panda, maar soms ook een volledige gevulde pagina met nog slechts ruimte voor enkele regels tekst. De tekeningen brengen sfeer, tonen emoties en vormen samen met de tekst een vrolijk en gezellig geheel. Wat ook niet onvermeld mag blijven, zijn de gekleurde zinnen in de tekst waarmee de schrijver commentaar geeft op zijn eigen werk. Dat geeft een leuke extra noot aan het verhaal. Het is te hopen dat met dit alles de liefde voor panda’s wordt aangewakkerd, zodat een volgende generatie lezers beter voor deze dieren gaat zorgen.

 

 

Uit elkaar
Hoe het verder gaat met de pandaband? Het duurt natuurlijk even voordat panda’s, die niet samen wonen en leven, een bandje vormen. Hierbij speelt Watje, een bamboerat, een belangrijke maar wat vage rol. De rat duikt plotseling op in het verhaal, dringt zich op als dirigent, maar is bij de volgende repetitie al weer verdwenen. Dat mag de pret echter niet drukken, er komt een concert voor alle panda’s in het bos! Na hun succesvol optreden zitten de bandleden nog even met de ruggen tegen elkaar te wachten tot het avond wordt. Dan gaat ieder zijn eigen weg. Dat heeft weer iets heel menselijks, want hoeveel succesvolle mensenbands gaan er wel niet uit elkaar om voor een solocarrière te kiezen? Jammer dat het boek zo eindigt? Welnee, dan lees je het toch gewoon nog een keer! (En dan kun je die eerste veel te lange openingszin gewoon overslaan.)

Marco Zoon

Een geboren lezer ben ik niet. Op de basisschool speelde ik liever buiten en op de middelbare school was lezen een plicht, geen vreugde. Tot ik de boeken van Marten Toonder ontdekte. Ik verslond de verhalen van Heer Bommel, wat een mooie taal, en verzamelde ze allemaal. Daar bleef het niet bij, ik bleef lezen en verzamelen, kasten vol. En dankzij mijn dochters heb ik de kinderboeken ontdekt die ik vroeger niet las. Oude parels en nieuwe titels. Boeken die gelezen moeten worden ook door volwassenen.

De PandaBand
Verschenen bij: Uitgeverij De Vier Windstreken
ISBN: 9789051169072
78 pagina’s
Prijs: €14
Vertaling door: Django Mathijsen
Verschenen: 2023