Skip to content
Hart van staal

Een muzikale opstand

Het begint met een duif, hoog boven de zee. ‘Soms vallen haar oogjes even dicht en zakt ze een paar meter, dan werkt ze zich weer omhoog. De golven mogen haar niet pakken.’ Waar komt de duif vandaan en waar vliegt ze naartoe? Al na twee bladzijden moeten we haar alleen achterlaten op het platte dak waar ze is neergestort. Wie meer wil weten, heeft maar één keus: verder lezen. Zo trekt Simon van der Geest zijn lezers Hart van staal in.

Ravi en Zina hebben ieder eigen zorgen. Als Ravi een kaartje koopt voor een verboden concert, komt zijn moeder erachter en scheurt het doormidden. Die nacht, na een akelige droom, gaat hij naar zijn ouders. Alleen, de deur is op slot en door het sleutelgat ziet hij hen doodstil en met open ogen in bed liggen. Er komt een vreemd blauw licht uit hun oren. Zina vindt een drenkeling op het strand. Hij ziet er slecht uit, even denkt ze zelfs dat hij dood is. De man wil geen dokter, maar toch belt Zina een ziekenzoever met haar polsofoon. ‘Zeg Isham… dazze vader nep is,’ zegt de man voor hij weggevoerd wordt.

Een neergestorte duif, verboden concerten, blauw licht, en Isham en zijn vader: hoe hebben al die dingen met elkaar te maken? Gelukkig hoeven Ravi en Zina deze mysteries niet alleen op te lossen. Ze vinden een paar medestanders: Blinker en Mink.

Kundig opgebouwde wereld
Hart van staal speelt op een eiland in de nabije toekomst, een wereld die Van der Geest weet neer te zetten zonder te verzanden in beschrijvingen of uitleg. Door het gebruik van rake beelden ontdekt de lezer waar hij is beland: een duif boven de zee die het eiland maar net haalt, Ravi die op een zweefboard door de stad schiet, de dogobot die hij van zijn ouders moet uitlaten ook al is het een robot, de polsofoons die iedereen draagt. Martijn van der Linden verankert de wereld die Van der Geest heeft geschapen in scherpe zwart-wit illustraties. Voorafgaand aan iedere deel (zeven in totaal) zijn die pagina-groot en boven ieder hoofdstuk staat een plaatje. Ze zijn allemaal mooi, maar de illustraties van het landschap en de stad zijn het sterkst. Overduidelijk getekend maar toch net echt, overtuigender dan een foto.

Ode aan muziek
Verboden concerten zijn maar het begin. De Gouverneur van het eiland verbiedt stap voor stap alle muziek. Polsofoons kunnen geen muziek meer afspelen, instrumenten moeten worden ingeleverd, zingen en dansen wordt verboden. Ravi, Zina, Blinker en Mink slaan die verboden in de wind, ondanks de gevaren die dat oplevert. Ze bedenken een plan om juist met muziek in opstand te komen.

‘Zina begint steeds breder te grijnzen. De bas van Blinker bonkt in haar buik, de roffels en tikken van Mink laten haar benen tintelen en de akkoorden en riedels van Ravi vullen haar borst alsof het zuurstof is. Ze grijpt de microfoon en zingt mee. Soms komen er zinnen in haar op, dan weer humt ze woordeloos mee en laat ze haar stem om de akkoorden heen zwieren.’

Een einde dat geen einde is
Op de laatste bladzijde van Hart van staal staat dat Van der Geest werkt aan een vervolg. Dat is hard nodig. Het boek eindigt met een overwinning, maar er blijft ook een hoop over waar nog voor gestreden moet worden. Dat maakt dat het einde wat klein voelt, na alles wat de kinderen hebben moeten doorstaan. Misschien is dat jammer of misschien juist positief: het nodigt uit om ook deel twee te lezen als dat straks beschikbaar is.

 

 

Hart van staal
Verschenen bij: Uitgeverij Querido
ISBN: 9789045128078
368 pagina’s
Prijs: €18.99
Verschenen: 2023