Hij is weer voorbij, die mooie zomer. En mooi was hij toch echt wel dit jaar. We mochten deze keer absoluut niet klagen over een gebrek aan zon – integendeel! Op een van die hete zomerdagen zaten mijn liefste en ik ergens in een park op een bank, onder een oude plataan. Aan de overkant lag een speeltuin die druk bevolkt was met joelende kinderen, al dan niet vergezeld van hun ook op banken zittende ouders. Langsheen ons plekje liep bovendien een pad waarop druk gewandeld en geflaneerd werd. Zo zaten we daar vanop de eerste rij genoeglijk te genieten van het schouwspel dat zich aan ons voordeed.
Toen zagen we de ballon. Hij zat aan de hand van een jongen van een jaar of acht, die voorbij wandelde, in het gezelschap van zijn ouders en zijn kleine zusje. Het jongetje straalde, was duidelijk apetrots en reuzeblij met zijn ballon. Maar helaas sloeg het noodlot toe: hoewel zijn ogen hem niet loslieten, deed zijn kleine hand dat op de een of andere manier wel en de ballon ontsnapte. Geen geluid maakte de jongen, geen kreet, zelfs geen zuchtje van teleurstelling slaakte hij en er kwamen ook geen tranen. Wél bleef hij stokstil staan en keek zijn ballon na met grote ogen. Die bleef op zijn vlucht hangen in een lage tak van de grote plataan boven onze bank. Konden mama en papa hem misschien nog vangen? Maar de lage tak bleek toch te hoog en ook zijn ouders waren machteloos. Een hele poos stonden ze daar met z’n vieren omhoog te kijken. Tot er uiteindelijk wanhopig ‘neen’ werd geschud. Toen verscheen er gelatenheid in de ogen van de jongen en langzaam en steeds achteromkijkend wandelde het gezin tenslotte verder; het jongetje nu met lege handen en met hangend hoofd. En de ballon, die bleef eenzaam hangen in de grote boom. Maar het kan verkeren, en een poosje later kregen drie kinderen in de speeltuin aan de overkant, hem plots in de gaten. Drie paar ogen gingen stralen; de jongens lachten en juichten. Ze konden hun geluk niet op en hun ogen niet geloven. Met allerhande projectielen probeerden ze de kleurrijke schat uit de boom en in hun handen te krijgen. Of hen dat gelukt is weten we niet. Maar toen we ’s avonds opnieuw door het parkje wandelden, was de ballon verdwenen …
Hoe bijzonder een ballon kan zijn, daarover gaat het in De blauwe ballon van Mick Inkpen. Op een dag vindt een kleuter een blauwe ballon in zijn tuin. Samen met zijn hondje Kipper beleeft hij er geweldige avonturen mee. De blauwe ballon is een heerlijk flapjesboek, voor kinderen vanaf een jaar of drie, geïllustreerd met grote kleurrijke prenten in aquarel. Het Engelse origineel verscheen al in 1989 en de Nederlandse vertaling in 2009, maar het thema en de uitwerking ervan zijn tijdloos. Helaas is de Nederlandse vertaling niet meer in druk, maar je kan ze wel vinden in bibliotheken en hier en daar is het boek tweedehands te krijgen. In het Engels verscheen er in 2019 een mooie feestelijke 30ste verjaardagseditie van The Blue Balloon die je wel nog overal kan kopen. Mick Inkpen is een van de meest invloedrijke Britse kinderboekenauteurs en illustratoren van de afgelopen decennia. Zijn werk werd meermaals bekroond en wereldwijd meer dan vier miljoen keer verkocht. Droom weg bij dit heerlijke boek en denk nooit meer zomaar ‘Hé, een ballon!’, als je er ergens eentje in een boom ziet hangen …










