Skip to content
Mahmood, en de bende van de tijger

Avonturenroman, een jongen en een tijger

In Mahmood en de bende van de tijger door Jan de Leeuw woont de elfjarige Mahmood in de dierentuin. Hij is dol op de dieren en zijn lievelingsdier is de tijger William Blake. Als de tijger plotseling verdwenen is, gaat dat Mahmood aan het hart. Helaas is hij de enige die echt begaan is met het lot van de tijger. De plaatselijke politie laat zich vooral van zijn slechtste kant zien door zonder slag of stoot Arthur, de verzorger van het ‘katten’-eiland te verdenken van diefstal. Arthur vlucht het terrein af en de directeur van de Zoo, Mahmoods vader, komt niet over als een daadkrachtige man die opkomt voor zijn mensen of zijn dieren.

Mahmood gaat zelf op onderzoek uit. Hij dwaalt door de grimmige stad, waar hij helemaal niet mag komen van zijn ouders. Die stad is een smeltkroes van culturen. Een willekeurige stad, maar het zou Brussel kunnen zijn, met de Zoo naast het paleis van de koning, waar een muezzin oproept tot gebed, waar zwervers rondhangen en tal van kleurrijke bewoners hun ding doen. Zoals Kattenvrouw, Hortense, die met een trolley vol vlees door de stad sjouwt achtervolgd door een zwerm katten. Mahmood maakt graag een praatje met haar. 

Min of meer per ongeluk ontdekt hij de bende van de tijger en legt een paar verbanden, ook dankzij Hortense. Wat die bende precies doet, wordt niet duidelijk en waarom ze een tijger als trofee zouden willen hebben ook niet, maar kwaadaardig zijn ze. 

In het hoofd van een dier
Wanneer Mahmood in een donkere steeg oog in oog komt te staan met de bendeleider, ontdekt hij dat hij een bijzondere gave heeft. Na aanraking met een mens of een dier kan hij in zijn hoofd kruipen.

‘Mahmood ademt diep in. Het moet. Hij raakt de arm van de jongen met het mes aan. Meteen staat hij in een wervelwind van beelden, in het midden van een wilde droom, links en rechts en onder en boven schieten beelden hem voorbij. Het is alsof hij in het midden van een drukke snelweg staat terwijl iemand een doos met foto’s over zijn hoofd uitschudt.’ 

Het is confronterend en kost een hoop energie, maar nu Mahmood weet wat er in de jongen omgaat, kan hij hem beter weerstaan. Arthur, die Mahmood de steeg in is gevolgd, redt hem uit deze hachelijke situatie. Vervolgens gaan ze samen op zoek naar de tijger, totdat Arthur afgeleid raakt door Hortense en het uiteindelijk Mahmood is die met ongekende moed en slimheid de tijger redt.

Volgepakt verhaal
Het verhaal bevat veel elementen, ook hedendaagse maatschappijkritische. Het is de vraag of lezers vanaf negen jaar die er allemaal uitpikken. Dat geeft niet, want het is een spannend avontuur. Mahmood zit in de tram en wordt, door de stad rijdend, zelfs filosofisch: ‘Af en toe ziet hij een hond in de straten, maar voor de rest zijn mensen de enige diersoort. Groot, mager, oud, kaal, bebaard, op hoge hakken, met koptelefoon, motorhelm, gescheurde jeans, […] Het is nauwelijks te geloven dat ze allemaal tot dezelfde soort behoren.’

De gebeurtenissen berusten soms net te veel op toevalligheden en magie. Wreedheid wordt niet geschuwd, de bende van de tijger is niet mals. Maar er is ook ruimte voor humor, wanneer de tijger een buldog achterna zit; of de blauwe lama’s die in de Zoo arriveren en een uur in de wind stinken. Er zijn tedere momenten, wanneer Mahmood in het appartement van Arthur de muis Quinto en de mismaakte duiven moet verzorgen. Duiven met namen als Geloof, Hoop en Liefde. En op de achtergrond speelt een halfslachtige, maar ook humoristische liefdesrelatie tussen twee oude mensen mee. Mahmood zelf komt uit een gezin met een Arabische achtergrond, gezien de namen van de gezinsleden. Zijn ouders hebben niet een al te beste relatie, moeder heeft duidelijk de broek aan. Het wordt allemaal aangestipt, maar nergens uitgediept. Kortom, het is veel. Te veel om het verhaal echt goed uit de verf te laten komen. Maar deel twee ligt op stapel, Mahmood en de gouden honden. Hopelijk krijgt Mahmood en zijn omgeving daarin meer persoonlijke ontwikkeling en achtergrond.

Het verhaal is rijk geïllustreerd met wat sombere potloodtekeningen van Noëmi Plateau. Doordat de sfeer van het boek kleurig is, stroken de zwart-wit beelden niet altijd goed met het verhaal en voegen ze niet altijd iets toe. De taal van De Leeuw is, met zijn soms Vlaamse tongval, beeldend genoeg. De Leeuw is psycholoog en schrijft voor de jeugd, volwassenen en toneel.  

Marjet Maks

Marjet Maks (1959) recenseert romans voor Literair Nederland en jeugdboeken voor Jong.literair Nederland, waarvoor ze ook redacteur is. Marjet woont in Spanje en schrijft zelf historische familieromans, en korte verhalen. Kinder- en jeugdboeken hebben haar liefde voor lezen geleerd; verbeelding en de kunst van wegdromen in andermans wereld is soms een must. Abeltje en Wiplala van Annie M.G. Schmidt, Pipi Langkous van Astrid Lindgren, maar ook de ‘huis op de prairie’ boeken van Laura Ingalls-Wilder om er slechts een paar uit de lange lijst jeugdboeken uit de tweede helft van de vorige eeuw te noemen.

Mahmood, en de bende van de tijger
Verschenen bij: De Eenhoorn
ISBN: 9789462915541
240 pagina’s
Prijs: €19.95
Verschenen: 2021